uitschiet

Wat is de betekenis van uitschiet?

uitschiet betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
  2. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
  3. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten

Voorbeelden van "uitschiet" in een zin

  • ... dat ik uitschiet.
  • ... dat jij uitschiet.
  • ... dat hij uitschiet.

Veelgestelde vragen over uitschiet

Wat is de betekenis van uitschiet?

uitschiet betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten

Hoeveel betekenissen heeft uitschiet?

uitschiet heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je uitschiet in een zin?

Voorbeeld: “... dat ik uitschiet.