uitschiet
Wat is de betekenis van uitschiet?
uitschiet betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
Voorbeelden van "uitschiet" in een zin
- ... dat ik uitschiet.
- ... dat jij uitschiet.
- ... dat hij uitschiet.
Veelgestelde vragen over uitschiet
Wat is de betekenis van uitschiet?
uitschiet betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitschieten
Hoeveel betekenissen heeft uitschiet?
uitschiet heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Hoe gebruik je uitschiet in een zin?
Voorbeeld: “... dat ik uitschiet.”
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek