vastloopt

Wat is de betekenis van vastloopt?

vastloopt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen

Voorbeelden van "vastloopt" in een zin

  • ... dat jij vastloopt.
  • ... dat hij vastloopt.