vastloopt
Wat is de betekenis van vastloopt?
vastloopt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen
Betekenis
werkwoord
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vastlopen
Voorbeelden van "vastloopt" in een zin
- ... dat jij vastloopt.
- ... dat hij vastloopt.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek