vaststa

Wat is de betekenis van vaststa?

vaststa betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vaststaan

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vaststaan
  2. aanvoegende wijs van vaststaan

Voorbeelden van "vaststa" in een zin

  • ... dat ik vaststa.
  • ... dat men vaststa.