verbreiden

/vər'brɛidə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. in verschillende richtingen verspreiden of uitbreiden, een groter gebied bedekken
    David Rockefeller, een van de laatste leden van de twintigste eeuwse-Amerikaanse geldadel, overleed vorige week maandag op 101-jarige leeftijd. Rockefeller, wiens vermogen werd geschat op 3,3 miljard dollar, was een diplomaat van het kapitalisme. Hij zag het als zijn taak de Amerikaanse invloed in de wereld te verbreiden, wat dan steeds ook ten goede kwam aan bank die hij leidde, Chase Manhattan.NRC Maartje Somers 1 april 2017
  2. door vertellen zorgen dat meer mensen iets weten
    De langs de Berkel oprukkende otter die inmiddels in Rekken is gesignaleerd is nieuws dat wagengroep De Huttenstea helpt verbreiden. Schoon water en vis in overvloed zijn troeven voor een oprukkende natuur.Tubantia Peter Zandee 23-AUGUSTUS-2017
    In de laatste week van november gaf kardinaal Eijk in zijn Adventsbrief "Het geloof in Christus vieren en verbreiden in het derde milennium {{sic!

Etymologie

*afgeleid van breiden

Vertalingen

Engelspropagate, disperse, scatter