volbouw
Wat is de betekenis van volbouw?
volbouw betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van volbouwen
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van volbouwen
- gebiedende wijs van volbouwen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van volbouwen
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van volbouwen
Voorbeelden van "volbouw" in een zin
- Ik volbouw.
- Volbouw!
- Volbouw je?
- ... dat ik volbouw.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek