wankel

/'wɑŋkəl/

Wat is de betekenis van wankel?

wankel betekent: wat niet stevig staat

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. wat niet stevig staat
  2. figuurlijk_in_het_nederlands onbestendig
bijwoord
  1. in wankele wijze
  2. figuurlijk_in_het_nederlands in onbestendige wijze
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wankelen
  2. gebiedende wijs van wankelen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wankelen

Voorbeelden van "wankel" in een zin

  • Binnen een uur zal het veulen proberen te gaan staan, wat in het begin nog wat wankel gaat.
  • Ik wankel.
  • Wankel!
  • Wankel je?

Betekenis en uitleg van wankel

Het woord 'wankel' beschrijft iets dat niet stabiel is of gemakkelijk kan omvallen. Je kunt het gebruiken om een situatie, een object of zelfs een gevoel te beschrijven dat kwetsbaar is en niet stevig lijkt.

Je gebruikt 'wankel' vaak in situaties waarin iets onzeker of onbetrouwbaar is. Denk aan een wankel tafelblad dat niet goed staat of aan een wankele relatie die op het punt staat te breken. Het woord draagt een negatieve connotatie, wat impliceert dat er een risico is dat de situatie of het object kan falen.

Voorbeelden

  • De wankele constructie van het oude gebouw zorgde voor zorgen bij de brandweer.
  • Na de ruzie voelde hun vriendschap wankel aan en twijfelden ze aan de toekomst ervan.
  • De wankele economie maakte het voor veel gezinnen moeilijk om rond te komen.

Woordoorsprong

Het woord 'wankel' komt van het Oudnederlands 'wankil', wat zoiets als 'onzeker' of 'instabiel' betekent. Het is verwant aan woorden in andere Germaanse talen die een vergelijkbare betekenis hebben.

Veelgestelde vragen over wankel

Wat is de betekenis van wankel?

wankel betekent: wat niet stevig staat

Hoeveel betekenissen heeft wankel?

wankel heeft 7 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je wankel in een zin?

Voorbeeld: “Binnen een uur zal het veulen proberen te gaan staan, wat in het begin nog wat wankel gaat.

Etymologie

In de betekenis van ‘niet vast’ voor het eerst aangetroffen in 1285

Vertalingen

afwankelrig
Duitswackelig
Engelsjiggly, shaky
noujevn, ujamn
nnujamn