winkelen
/xxxx/
Wat is de betekenis van winkelen?
winkelen betekent: van winkel tot winkel gaan en inkopen doen
Betekenis
werkwoord
- van winkel tot winkel gaan en inkopen doen
Voorbeelden van "winkelen" in een zin
- Ze winkelden de hele middag en kwamen voldaan en beladen met allerlei nieuwe kleren weer thuis.
- Iedereen op Curaçao moet thuisblijven. De regering raadde de inwoners van het eiland aan om te hamsteren. De vervroegde avondklok heeft volgens de DMO-voorzitter niet tot grote ongeregeldheden geleid onder winkelend publiek.
Etymologie
*Afgeleid van winkel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek