woorden
boek
Start
›
A
›
Achterhoeker
Achterhoeker
mannelijk (de)
/'ɑxtərhukər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
bewoner van de Achterhoek, het meest oostelijke deel van de provincie Gelderland
Etymologie
*afleiding van Achterhoek
Verwante woorden
acht
achtarm
achtarmen
achtarmig
achtarmige
achtbaan
achtbaanrit
achtbaanritje
achtbaantje
achtbaantrein
achtbaar
achtbaarheid
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← achterhoeken
Achterhoeks →