aanhecht

ˈanhɛxt

Wat is de betekenis van aanhecht?

aanhecht betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanhechten

Betekenis

werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanhechten
  2. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanhechten
  3. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanhechten

Voorbeelden van "aanhecht" in een zin

  • ... dat ik aanhecht.
  • ... dat jij aanhecht.
  • ... dat hij aanhecht.