aftreden
/ˈɑftredə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (erga) een bepaalde positie of een bepaald ambt opgevenHij is gisteren afgetreden als bisschop van dat bisdom.
Vertalingen
Engelsresign, step
Spaansdimitir
Italiaansdimettersi
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek