afvaart
mannelijk/vrouwelijk (de)/'ɑfart/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) wegvaren van de wal van een vaartuigWe hebben gewacht tot de afvaart van de veerdienst.
Vertalingen
Engelsdeparture
Spaanssalida
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek