agrafe
mannelijk/vrouwelijk (de)/aˈɣrafə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleding) haak of gesp die als sluiting dientWel kwamen er met de tijd varianten aan de "cappe"; ze werd b.v. opzij of van voren ingekort om de armen vrij te laten; later kwamen er echte mouwen in en ten slotte werd ze vooraan opengesneden en dan met een "spang" of "agrafe" op de borst samengehouden. In deze vorm is ze in de liturgie bewaard gebleven als de koorkap.
- sluiting of bevestiging van een sieraadMaar toch, zoo lang ik niet zie, dat UEd. uw mantille over de agrafe haalt, die uw collier sluit, of uw versierde vingers in onopengewerkte handschoenen verbergt, zal ik er tegen blijven morren, dat gij u met een Bijbeltje behelpt, dat uw naaste buurvrouw nauwelijks zien kan.
- sieraad dat aan haar of kleding is geklemdHet Koninginnetje droeg op dit diner een eenvoudig kleedje van wit satijn en een agrafe van diamanten in het haar.
- (medisch) metalen kram om een wond gesloten te houden of weefsel vast te klemmenMeestal gaat het zo dat men jarenlang niets meer van die nieuwigheid hoort: waarschijnlijk is het risico van blijvende steriliteit door verlittekening altijd nog te groot gebleken. Hetzelfde geldt voor de gedachte, een klemmetje of agrafe op de zaadleiders te plaatsen.
- metalen draad waarmee de kurk op een fles champagne wordt vastgezetDe meeste zijn vintage champagnes en veel ervan worden op traditionele wijze gemaakt (gisting op hout, afgesloten met een kurk en agrafe, in plaats van een kroonkurk, en het bezinksel wordt met de hand verwijderd), langer dan normaal bewaard en verkocht in speciale flessen tegen zeer hoge prijzen.
Etymologie
*van "agrafe"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek