bangigheid
vrouwelijk (de)/'bɑŋəxhɛɪt/
Wat is de betekenis van bangigheid?
bangigheid betekent: het (overdreven) bang zijn
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het (overdreven) bang zijn
- iets wat getuigt van (overdreven) angstig zijn
Etymologie
* afleiding van bangig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek