basta
mannelijk (de)/ˈbɑsta/
Betekenis
tussenwerpsel
- uitroep om een eind te maken aan verdere tegenspraak
zelfstandig naamwoord
- (kaartspel) (omber, quadrille) klaveraas, de derde troefkaart
Etymologie
*[zelfstandig naamwoord] van "basto" "stok" , omdat vroeger op speelkaarten geen klaveren, maar knuppels waren afgebeeld
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek