woorden
boek
Start
›
B
›
bondsvoorzitter
bondsvoorzitter
mannelijk (de)
/'bɔntsforzɪtər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
voorzitter van een (sport)bond
Verwante woorden
bond
bondage
bondel
bondels
bonden
Bonder
bonders
bondgenoot
bondgenootschap
bondgenootschappelijk
bondgenootschappelijke
bondgenootschappen
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← bondsvolk
bondsvoorzitters →