woorden
boek
Start
›
B
›
breedvoerigheid
breedvoerigheid
vrouwelijk (de)
/bret'furəxhɛɪt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het breedvoerig zijn
Etymologie
* afgeleid van breedvoerig
Synoniemen
breedsprakigheid
uitvoerigheid
uitweiding
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← breedvoeriger
breedvoerigst →