broodheer

mannelijk (de)/'brother/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand waarbij je in dienst bent en waarvan je dus afhankelijk bent voor je dagelijks brood
    ‘Eigenlijk liggen de scenario’s wel klaar, de zogeheten consolidated appeals liggen op de plank, maar de politieke broodheren van de VN zijn te druk met het bestendigen van hun plek tegenover hun eigen electoraat. NRC Paul Luttikhuis 14 maart 2017
    Als directeur van het hotel diende hij als eerste de belangen van zijn broodheer in ogenschouw te nemen.

Vertalingen

Engelsemployer