dorpshuis
onzijdig (het)/ˈdɔrᵊpsˌhœys/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- huis in een dorp
- ontmoetingscentrum in een dorpHet resort was een muffig dorpshuis met wat geweien aan de muur. Een versleten, opgezette zwarte beer was een voorproefje van wat me te wachten stond.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek