groeten
/ˈɣrutə(n)/
Wat is de betekenis van groeten?
groeten betekent: (ov) een wens tot iemand of iets richten of met een gebaar beleefdheid tonen
Betekenis
werkwoord
- (ov) een wens tot iemand of iets richten of met een gebaar beleefdheid tonen
Voorbeelden van "groeten" in een zin
- Wanneer we Etienne of zijn moeder weleens in de buurt tegenkomen, groeten we elkaar geen van allen.
- Hij groette mij direct toen ik zijn huis binnenkwam.
- Toen nam Sint het kruikje, groette vriendelijk en vlug gingen ze naar de paarden.
Etymologie
* (erfwoord): Middelnederlands groeten, groten ‘groeten, uitnodigen; (minder vaak) opwekken tot, aanvallen; in rechte aanspreken’, uit Oergermaans *grōtjan- ‘weerklinken’, causatief bij *grētanan- ‘wenen, jammeren’ (waaruit Schots greet ‘(be)wenen’ en Zweeds gråta ‘huilen’), bij Indo-Europees *ǵʰréh₁d-e-, waartoe ook Welsh griddfan ‘kreunen’ en Sanskriet hrādate ‘het klinkt’ behoren. Evenals Nederduits gröten, Duits grüßen en Engels greet, alle ‘groeten’.
Vertalingen
Engelsgreet
Franssaluer
Duitsgrüßen
Spaanssaludar
Italiaanssalutare
Portugeessaudar
Poolswitać
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek