hazenvel
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de vacht van een haas
- patroon in het glazuur van Chinees aardewerk uit de 12de eeuw
Uitdrukkingen
- Het hazenvel aantrekken, aansteken, aanstroppen , aannemen — vluchten; het hazenpad kiezen
- Zijn schoenen met hazenvellen lappen — laten zien dat je een lafaard, haasvreter of bloodaard bent.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek