pocher

mannelijk (de)

Wat is de betekenis van pocher?

pocher betekent: iemand die opschept over zichzelf

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die opschept over zichzelf

Voorbeelden van "pocher" in een zin

  • 'Een deel van de chefs blaast hoog van de toren. Aanvankelijk maakt dat nog indruk, maar al snel merken ondergeschikten dat de verwachtingen niet worden waargemaakt. Dan vinden ze hun chef een pocher.' Tubantia 06-06-12 [https://www.tubantia.nl/binnenland/chefs-overschatten-zichzelf-nogal-ernstig~aa88ae5b/ 'Chefs overschatten zichzelf nogal ernstig']

Betekenis en uitleg van pocher

Een pocher is iemand die zich bemoeit met de zaken van anderen, vaak op een ongewenste of opdringerige manier. Het woord kan ook verwijzen naar iemand die zich laat zien of zich voordoet als belangrijker dan hij of zij werkelijk is, vaak om indruk te maken op anderen.

Het woord 'pocher' wordt vaak gebruikt in sociale situaties waarin iemand probeert op te vallen of aandacht te trekken, bijvoorbeeld in een groep vrienden of op een feestje. De nuance is vaak negatief; een pocher kan als irritant of ongepast worden ervaren. In de Nederlandse cultuur is bescheidenheid vaak gewaardeerd, en daarmee kan een pocher als ongewenst gedrag worden gezien.

Voorbeelden

  • Tijdens het feest was er altijd wel een pocher die de aandacht naar zich toe trok met zijn verhalen.
  • Ze vond het vervelend dat haar collega altijd de eer voor het teamwerk opstrijkt, wat hem een echte pocher maakt.
  • De pocher in de groep gaf een overdreven verhaal over zijn vakanties, wat de anderen irriteerde.

Woordoorsprong

Het woord 'pocher' komt vermoedelijk van het Franse 'poche', wat zak betekent, en verwijst naar iemand die zich op een manier gedraagt die niet authentiek is, alsof hij of zij iets wil 'uit de zak' halen.

Veelgestelde vragen over pocher

Wat is de betekenis van pocher?

pocher betekent: iemand die opschept over zichzelf

Welk woordgeslacht heeft pocher?

pocher is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van pocher?

Synoniemen van pocher zijn: dikdoener, stoefer, kakmaker, opsnijder, charlatan.

Hoe gebruik je pocher in een zin?

Voorbeeld: “'Een deel van de chefs blaast hoog van de toren. Aanvankelijk maakt dat nog indruk, maar al snel merken ondergeschikten dat de verwachtingen niet worden waargemaakt. Dan vinden ze hun chef een pocher.' Tubantia 06-06-12 [https://www.tubantia.nl/binnenland/chefs-overschatten-zichzelf-nogal-ernstig~aa88ae5b/ 'Chefs overschatten zichzelf nogal ernstig']

Etymologie

* van pochen

Uitdrukkingen

  • klagers hebben geen nood en pochers hebben geen broodzowel klagers als pochers hebben de neiging om zaken te overdrijven