zeiken

/ˈzɛikə(n)/

Wat is de betekenis van zeiken?

zeiken betekent: (informeel) veelvuldig en langdurig klagen over weinig belangrijke zaken

Betekenis

werkwoord
  1. informeel (informeel) veelvuldig en langdurig klagen over weinig belangrijke zaken
  2. inerg, ov, dysfemisme (inerg), soms (ov) (dysfemisme) urineren
  3. onpr, informeel, meteorologie (onpr), (informeel), (meteorologie) hard regenen, stortregenen

Voorbeelden van "zeiken" in een zin

  • Zit toch niet zo te zeiken!
  • Die rotkater heeft weer op die plek gezeken.
  • Vanochtend zeikte ik wat bloed.
  • Het zeikt buiten.

Betekenis en uitleg van zeiken

Zeiken is een informeel Nederlands woord dat vaak gebruikt wordt om aan te geven dat iemand zeurt of klaagt over iets kleins of onbelangrijks. Het geeft een gevoel van frustratie of irritatie aan, vaak omdat de klacht als onterecht of overdreven wordt ervaren.

Je gebruikt 'zeiken' vaak in situaties waarin iemand zich aanstelt of onterecht mopperen. Het kan ook een teken zijn van onvrede, waarbij de spreker de klacht als onzinnig beschouwt. Het woord heeft een negatieve bijklank en kan dus als kwetsend of denigrerend worden ervaren, afhankelijk van de context en de relatie tussen de sprekers.

Voorbeelden

  • Stop met zeiken en kijk gewoon naar de mooie dingen in het leven.
  • Hij blijft maar zeiken over zijn werk, terwijl iedereen het ook moeilijk heeft.
  • Zeiken over het weer helpt je niet verder, dus laten we gewoon genieten van de zon.

Woordoorsprong

De oorsprong van 'zeiken' is onduidelijk, maar het kan verwant zijn aan woorden die verband houden met klagen of zich beklagen, wat de negatieve connotatie van het woord versterkt.

Veelgestelde vragen over zeiken

Wat is de betekenis van zeiken?

zeiken betekent: (informeel) veelvuldig en langdurig klagen over weinig belangrijke zaken

Hoeveel betekenissen heeft zeiken?

zeiken heeft 3 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Wat zijn synoniemen van zeiken?

Synoniemen van zeiken zijn: drammen, zagenWerkwoord, zaniken, zeuren, zeveren.

Hoe gebruik je zeiken in een zin?

Voorbeeld: “Zit toch niet zo te zeiken!

Etymologie

*van Middelnederlands "seiken", verdere etymologie onduidelijk; wel zijn er verwante woorden in diverse Indo-Europese talen. In de betekenis van ‘plassen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Vertalingen

Engelswhine, nag, urinate
Portugeespegar no pé, lamentar, urinar