Vertaling van levensgezel
Nederlands β Engels
mannelijk (de)
degene met wie iemand het leven deelt en samenwoont
Engelse vertaling
life partnerconsortlife companion
//'levΙ(n)sxΙzΙl//
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
degene met wie iemand het leven deelt en samenwoont