gezel
mannelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van gezel?
gezel betekent: makker, reisgenoot
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- makker, reisgenoot
- middeleeuwse ambachtsman in een gilde die nog niet de rang van meester of baas had verworven
- (beroep) handwerksman die als knecht onder een baas werkt
Etymologie
* In de betekenis van ‘makker’ voor het eerst aangetroffen in 1100
Vertalingen
Spaanscamarada, compañero
Russischподмастерье
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek