grootma

vrouwelijk (de)

Wat is de betekenis van grootma?

grootma betekent: een vrouw die een kleindochter of kleinzoon heeft. Dit kan een kind zijn van haar zoon of van haar dochter. De moeder van een van je ouders

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een vrouw die een kleindochter of kleinzoon heeft. Dit kan een kind zijn van haar zoon of van haar dochter. De moeder van een van je ouders

Voorbeelden van "grootma" in een zin

  • Nu wachtte ik elke dag Vaders antwoord op mijn brief. Als de post belde, rende ik Christien al tegemoet. Er kwam maar steeds geen brief van Vader. Grootma keek me soms onderzoekend aan, maar ze vroeg niets. Op een middag, toen Grootma rustte en ik bij Maatje zat, die probeerde me de beginselen van het kantklossen bij te brengen, kwam Christien binnengeschreden met de post op het bekende zilveren blaadje. Maatje nam de brieven er af. Ik wuifde naar Christien, die haar middel bewoog. (ca. 1926)–Cissy van Marxveldt [https://www.dbnl.org/tekst/marx002stor03_01/marx002stor03_01_0012.php De stormers]

Betekenis en uitleg van grootma

Een 'grootma' is een term die vaak wordt gebruikt om een grootmoeder aan te duiden, meestal in een informele of liefdevolle context. Het woord straalt warmte en genegenheid uit, en refereert vaak aan de rol van grootmoeders in het leven van hun kleinkinderen.

Je gebruikt het woord 'grootma' wanneer je het hebt over een grootmoeder die een speciale band heeft met haar kleinkinderen. Dit kan in gesprekken over familie, tradities of zelfs herinneringen aan de kindertijd. Het woord heeft een vriendelijke en informele nuance, waardoor het een goede keuze is voor persoonlijke verhalen of anekdotes.

Voorbeelden

  • Mijn grootma maakt altijd de lekkerste appeltaart voor ons als we op bezoek komen.
  • Tijdens het familieweekend vertelde mijn grootma prachtige verhalen over haar jeugd.
  • Mijn grootma heeft me geleerd hoe ik moet breien, wat ik nu aan mijn vrienden laat zien.

Veelgestelde vragen over grootma

Wat is de betekenis van grootma?

grootma betekent: een vrouw die een kleindochter of kleinzoon heeft. Dit kan een kind zijn van haar zoon of van haar dochter. De moeder van een van je ouders

Welk woordgeslacht heeft grootma?

grootma is een vrouwelijk (de).

Wat zijn synoniemen van grootma?

Synoniemen van grootma zijn: opoe, oma, grootmoe, grootmama, grootje.

Hoe gebruik je grootma in een zin?

Voorbeeld: “Nu wachtte ik elke dag Vaders antwoord op mijn brief. Als de post belde, rende ik Christien al tegemoet. Er kwam maar steeds geen brief van Vader. Grootma keek me soms onderzoekend aan, maar ze vroeg niets. Op een middag, toen Grootma rustte en ik bij Maatje zat, die probeerde me de beginselen van het kantklossen bij te brengen, kwam Christien binnengeschreden met de post op het bekende zilveren blaadje. Maatje nam de brieven er af. Ik wuifde naar Christien, die haar middel bewoog. (ca. 1926)–Cissy van Marxveldt [https://www.dbnl.org/tekst/marx002stor03_01/marx002stor03_01_0012.php De stormers]