hatelijkheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. krenkende, pijnlijke, gemene opmerking
    De dialogen zijn in hun hatelijkheid hilarisch (Bloemendaals hang naar alcohol, Stuarts lidmaatschap van de Kultuurkamer tijdens de bezetting), maar evenzeer gevoelig wanneer het gaat over hun verloren liefdes en zonen die ze zo weinig zagen. Tubantia Arno Gelder 15-02-17 [https://www.tubantia.nl/show/nostalgie-en-hilariteit-voor-drie-grote-comediennes~a81d0d81/ Nostalgie en hilariteit voor drie grote comédiennes]
    ,,Het ontbreekt Trump aan sportiviteit, hij blijft bitter en boos en dan wil je eigenlijk alleen maar tegen hem zeggen: je hebt gewonnen!", aldus Baldwin die zegt dat hij verwachtte dat Trump een relaxtere houding zou aannemen. ,,De hatelijkheid van dit Witte Huis maakt mensen bezorgd. Daarom ga ik hem niet nog heel lang persifleren, ik weet niet of mensen het wel aankunnen", vervolgt Baldwin. Tubantia 07-03-17 [https://www.tubantia.nl/show/alec-baldwin-wil-stoppen-met-persifleren-trump~a214c461/ Alec Baldwin wil stoppen met persifleren Trump]

Etymologie

* afleiding van hatelijk

Vertalingen

Engelsspitefulness, sarcasm, scorn