kankeraar
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die overmatig veel klaagtWel had ze grote twijfels toen ze ja zei tegen het stadsdichterschap. 'Ik zit altijd te kankeren op te stad. Incapabele bestuurders, weggesmeten geld, opengebroken straten. Nogal negatief, niet? Ik heb dat ook gezegd toen ze me belden, maar dat was geen bezwaar. En ja, inderdaad, Amsterdam is toch ook vergeven van de kankeraars? Wat dat betreft ben ik een goed voorbeeld, haha.' Het Parool MAARTEN MOLL 5 FEBRUARI 2014 [https://www.parool.nl/amsterdam/anna-enquist-is-de-nieuwe-amsterdamse-stadsdichter~a3590786/ Anna Enquist is de nieuwe Amsterdamse stadsdichter]In 2011 kwam er in de Maasstad wel een comeback party, maar Langenbach is ook die 'Rotterdamse kankeraar tegen de politiek en ambtenarij. Dat maakte hem minder populair, al laat het beeld tijdens de presentatie van zijn boek de andere kant zien; alsof Ted weer helemaal terug is. De Telegraaf 02 dec. 2013 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1026620/ted-langenbach-maakte-rotterdam-underground Ted Langenbach maakte Rotterdam underground]
Etymologie
* van kankeren
Vertalingen
Engelsgrumbler, groaner, moaner
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek