klap

mannelijk (de)/klɑp/

Wat is de betekenis van klap?

klap betekent: plotselinge, luidruchtige slag

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. plotselinge, luidruchtige slag
  2. een bestraffing door slagen met de open hand

Voorbeelden van "klap" in een zin

  • De oude vaas viel met een luide klap in duizend stukken op de vloer uiteen.
  • Ze zet de schoenen met een klap neer, in de hoop dat ze met lawaai iemand naar zich toe roept - of juist wegjaagt.
  • ' Maren slaat haar boek met een klap dicht en verlaat de kamer.
  • Hij heeft vroeger veel klappen gehad.
  • ' Dat is als een klap in Nella's gezicht, een brutaliteit die geen enkele dienstmeid in Assendelft zich ooit zou permitteren.

Etymologie

*(klanknabootsing)

Uitdrukkingen

  • plak

Vertalingen

Engelsbang, blow, slap
Franscoup, claque, coller une patate
DuitsKnacks, Klaps
Spaansgolpe, bofetada, bofetón
Deenssmæld