neuken
/ˈnøkə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (dysfemisme) (seksualiteit) geslachtsgemeenschap hebben metZij lagen in die kamer te neuken.
- (verouderd) stoten; duwen
Etymologie
**[1] in de betekenis van ‘geslachtsgemeenschap hebben’ aangetroffen vanaf 1762
Vertalingen
Engelsfuck, screw, get some nookie
Fransbaiser
Duitsficken, bumsen, vögeln
Spaansjoder, follar
Portugeesfoder
Russischебать
Zweedsknulla
Deenskneppe
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek