piel
mannelijk (de)/pil/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (vulgair) mannelijk geslachtsdeel
- (verouderd) staafje met een scherpe punt dat met een boog wordt weggeschoten
- (dierkunde) jonge eend (watervogel uit de familie ), soms ook gebruikt als algemene benaming voor eend of (jonge) watervogel
- lastig karwei
- afgebroken of afgesneden stuk
Etymologie
*[4], [5] van pielen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek