fatsoenlijk
fɑtˈsunlək
Wat is de betekenis van fatsoenlijk?
fatsoenlijk betekent: voldoend aan algemeen bestaande verwachtingen
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- voldoend aan algemeen bestaande verwachtingen
- op een nette manier zonder te morsen en te smakken
- de juiste morele keuzes makend
Voorbeelden van "fatsoenlijk" in een zin
- De grasmaaier was een fatsoenlijk apparaat.
- 'Voor mij is een fatsoenlijke maaltijd: entree, plat, kaas, dessert', zegt Frédéric Deidier (49), terwijl hij enthousiast op zijn enorme buik kletst.
- Hij kan niet eens fatsoenlijk eten.
- Als het om de plunderingen van de bolsjewieken aan de overkant van de Oostzee ging was de eensgezindheid uiteraard groot. Ieder fatsoenlijk mens had achter Finland gestaan zolang de oorlog duurde.
Etymologie
afgeleid van fatsoen zn met het achtervoegsel -lijk
Vertalingen
Deensryddelig
Duitsordentlich, anständig
noryddig
nnryddig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek