kanis

vrouwelijk (de)/kanɪs/

Wat is de betekenis van kanis?

kanis betekent: (f) viskorf met deksel

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. (f) viskorf met deksel
  2. (f) marskramersmand
  3. (f) mandje om vers geplukte kersen, appels of peren in te verzenden
  4. anatomie (m) (anatomie) platte uitdrukking voor:
  5. hoofd (lichaamsdeel)
  6. mond
  7. lichaam (mens)

Etymologie

* In de betekenis van ‘Bargoens: hoofd, kop’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1906

Vertalingen

Engelsnoddle, nut, pate
Franscaboche, gueule, corps
DuitsBirne, Dötz, Rübe