optuigen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) het voorzien van versierselen en andere toebehorenWij hebben onze kerstboom al opgetuigd.
- (scheepvaart) het op een (zeil-)schip aanbrengen van tuig en uitrusting: masten, laadbomen, staand en lopend want, verlichting enz.De scheepstuiger zal het jacht optuigen met een traditioneel gaffeltuig."
- (bedrijfskunde) het uitbreiden of het nieuw opzetten van een organisatie of bedrijfEr wordt gedacht aan het weer optuigen van een eigen reparatieafdeling.
- Een paard klaarmaken om een kar te trekken, of om bereden ter worden[https://www.bokt.nl/forums/viewtopic.php?f=21&t=939964 De officiele volgorde optuigen, inspannen, aftuigen?]
Vertalingen
Engelsdecorate, dress up, rig
Fransgréer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek